De Psalmen; Psalm 8. In de Bijbel staan honderdvijftig Psalmen. Sommige kort, en sommige lang. Ze gaan in de eerste plaats over Christus. Dat leren we vanuit het Nieuwe Testament. In het Oude Testament zijn nou eenmaal bepaalde zaken bedekt, ofwel verborgen. In het Nieuwe Testament worden ons de Psalmen geopenbaard. De bedekking wordt daar weggenomen. De meest aangehaalde teksten in het Nieuwe Testament, komen uit de Psalmen.
Psalmen spreken over Christus
Psalmen spreken op de eerste plaats over Christus. Daarna spreken zij over het gelovig overblijfsel van Israël, in de dagen van Zijn Wederkomst. Dat gaat dan over de tijd van het anti-christelijke rijk, en de daarbij komende bedreiging, en vervolging. Het gaat dan over de toekomstige ‘benauwdheid’, ofwel ‘verdrukking’ over Israël. (zie ook de studie ‘Mattheüs 24’) Op de laatste plaats spreken de Psalmen over het gelovig overblijfsel in onze dagen.
In deze studie wordt Psalm 8 vers voor vers besproken.
Psalm 8
1 Een psalm van David, voor den opperzangmeester, op de Gitthith.
2 O HEERE, onze Heere! hoe heerlijk is Uw Naam op de ganse aarde! Gij, die Uw majesteit gesteld hebt boven de hemelen.
3 Uit den mond der kinderkens en der zuigelingen hebt Gij sterkte gegrondvest, om Uwer tegenpartijen wil, om den vijand en wraakgierige te doen ophouden.
4 Als ik Uw hemel aanzie, het werk Uwer vingeren, de maan en de sterren, die Gij bereid hebt;
5 Wat is de mens, dat Gij zijner gedenkt, en de zoon des mensen, dat Gij hem bezoekt?
6 En hebt hem een weinig minder gemaakt dan de engelen, en hebt hem met eer en heerlijkheid gekroond?
7 Gij doet hem heersen over de werken Uwer handen; Gij hebt alles onder zijn voeten gezet;
8 Schapen en ossen, die alle die; ook mede de dieren des velds.
9 Het gevogelte des hemels, en de vissen der zee; hetgeen de paden der zeeën doorwandelt.
10 O HEERE, onze Heere! hoe heerlijk is Uw Naam op de ganse aarde!
Zoon des mensen
Psalm acht wordt meerdere keren aangehaald in het Nieuwe Testament. Het is een Lof-Psalm waarin de Naam van God de Schepper wordt geprezen. De historische achtergrond van deze Psalm, is het leven van David. David was door God gezalfd tot koning, en de Heere bezorgde hem alle heerschappij, macht, kracht, en eer. David was de erfgenaam van Adam, Noach, en Abraham. Hij wordt dan ook niet voor niets ‘zoon des mensen’ genoemd.
Psalm 8
1 Een psalm van David, voor den opperzangmeester, op de Gitthith
Hebreeuws
| David | 4.6.4 is 14 | 2 x 7 | Uitbeelding nieuwe Schepping |
| Dawid | 4.10.6.4 is 24 | Geliefde; Doetje is 2 x 12 | Uitbeelding dubbele heerschappij |
| Psalm | is Mizmor | Lied; Melodie | Zamar Snoeien; liederen zingen; lofzang; Mowr is Mirre; Welriekende balsem; lijden |
Hebreeuws
| Heere | 5.6.5.10 | Jehovah | Ik Ben Die Ik Ben; De Zijnde |
| Heere | 10.3.4.1 | Adonai | Heerser; Bezitter; Eigenaar; Man |
| Heerlijk | 4.10.4.1 | Adir | Edel; Uitmuntend; Machtig; Beroemd |
| Naam | 40.300 | Shem | Het Wezen; De Roem; Faam; Roep |
1 Een psalm van David, voor den opperzangmeester, op de Gitthith
Opperzangmeester op de Gitthith
Bij veel Psalmen staat erbij; ‘voor den opperzangmeester’. Het is een zelfverzonnen woord. Dat is, letterlijk, natuurlijk bedoeld voor de orkestmeester, de koorleider. Het is degene die het koor, en de muziek begeleidt. In het Hebreeuwse woord voor opperzangmeester zit het woord ‘eeuwiglijk’ ingesloten. In overdrachtelijke zin kan het daarom ook vertaald worden met ‘voor de Eeuwige’.
‘Op de Gitthith’ komt maar in drie Psalmen voor. Het woord is afgeleid van Gath, een Bijbelse plaats. We weten niet wat het exact betekent, maar heeft in ieder geval te maken met vreugde. Letterlijk betekent het ‘bij de wijnpers’. Bij het persen van de wijn, en bij de wijnoogst, werden vreugdeliederen gezongen.
Samenvatting eerste vers
Je zou dit vers, met behulp van bovenstaande Hebreeuwse woorden, kunnen vertalen met; ’Een loflied van David, aan de Zoon van David, namelijk Gods Geliefde Zoon. Hij Die Getrouw, en de Overste Leidsman is. Die in geloof en vertrouwen, via de weg van vernedering en lijden, via oordeel en kruisiging, is gestorven. Op de derde dag is Hij lichamelijk opgestaan uit de dood. Hij is door God Verheerlijkt, en Verhoogd. Hij heeft alle Macht ontvangen, in de Hemel op aarde,
2 O HEERE, onze Heere! hoe heerlijk is Uw Naam op de ganse aarde! Gij, die Uw majesteit gesteld hebt boven de hemelen
Hoe Heerlijk is Uw Naam
Heere = Jehovah = Ik Ben Die Ik Ben; De Zijnde
Heere = Adonai = Heerser; Bezitter; Eigenaar; Man
Heerlijk = Adir = Edel; Uitmuntend; Machtig; Beroemd
Naam = Shem = Het Wezen; De Roem; Faam; Roep
David looft God de Schepper voor Zijn Scheppingswerk. De Schepper is te herkennen uit Zijn schepselen. Zoals je een schilder kunt herkennen aan zijn schilderij.
Dezelfde
Deuteronomium 6
4 Hoor, Israël! de HEERE, onze God, is één enig HEERE!
De Heere is niet verdeeld, want Hij is Eén. Die Ene Heere is Dezelfde als de Messias, de Zoon van David. Hij is de Hogepriester van het Nieuwe Verbond. Hij is Dezelfde als Jezus van Nazareth, en is de Levende God en Heere. Als God Zich laat zien, zien we Christus. De Heilige Geest, ofwel de Geest van God, is Dezelfde, namelijk de onzienlijke Christus.
2 O HEERE, onze Heere! hoe heerlijk is Uw Naam op de ganse aarde! Gij, die Uw majesteit gesteld hebt boven de hemelen.
De Heere is Eén
Aarde = Eretz = Land. De ‘ganse aarde’ verwijst in de eerste plaats naar het land Israël, het Beloofde Land. De Heere zal Eén zijn, en Zijn Naam zal Eén zijn, is ook een verwijzing naar de terugverzameling van heel het Volk Israël tot één kudde. Straks, in Zijn Wederkomst, zal Hij Koning zijn over heel Israël, en zijn alle stammen weer met elkaar verenigd. Als de grote profeten spreken over Eén Heere, dan wordt dit in verband gebracht met Die Ene Heere, als Herder en Koning over het ene Volk Israël. De Heere zal daar dan Heerlijk zijn. Heerlijk heeft te maken met heersen.
Jesaja 33
20 Schouwt Sion aan, de stad onzer bijeenkomsten; uw ogen zullen Jeruzalem zien, een geruste woonplaats, een tent, die niet ter neder geworpen zal worden (ná de 7oe Jaarweek; ná de grote Verdrukking over Israël), welker pinnen in der eeuwigheid niet zullen uitgetogen worden, en van welker zelen geen verscheurd worden.
21 Maar de HEERE zal aldaar bij ons (Jeruzalem; het geopenbaarde Koninkrijk van Christus) heerlijk zijn, het zal zijn een plaats van rivieren, van wijde stromen; geen roeischuit zal daar doorvaren, en geen treffelijk schip zal daar overvaren.
22 Want de HEERE is onze Rechter, de HEERE is onze Wetgever, de HEERE is onze Koning. Hij zal ons behouden. (na de grote Verdrukking over Israël; alle ongelovige Joden zijn dan weggedaan)
2 O HEERE, onze Heere! hoe heerlijk is Uw Naam op de ganse aarde! Gij, die Uw majesteit gesteld hebt boven de hemelen
Nog niet te zien
Mattheüs 28
18 En Jezus, bij hen komende, sprak tot hen, zeggende: Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde.
Van de Heerlijkheid van Christus is momenteel, op aarde, nog niks te merken. Christus kreeg van Zijn Hemelse Vader, in Zijn Opstanding, alle Macht in de Hemel en op aarde. Tot dusver heeft Hij Zijn Macht echter nog niet opgeëist, maar binnen afzienbare tijd zal Hij dit doen. Alle dingen Zijn aan Hem onderworpen, maar met fysieke ogen kunnen wij dit (nog) niet zien. Met gelovige ogen zien wij Christus met Eer en Heerlijkheid gekroond.
De Heere Jezus Christus is Koning van Zijn Hemels Koninkrijk, met een Hemels Volk, de Gemeente. Straks breidt Hij Zijn Koninkrijk uit; vanuit de Hemel over de aarde.
Hebreeën 2
8 Alle dingen hebt Gij onder zijn voeten onderworpen. Want daarin, dat Hij hem alle dingen heeft onderworpen, heeft Hij niets uitgelaten, dat hem niet onderworpen zij; doch nu zien wij nog niet, dat hem alle dingen onderworpen zijn;
9 Maar wij zien (met gelovige ogen) Jezus met heerlijkheid en eer gekroond, Die een weinig minder dan de engelen geworden was, vanwege het lijden des doods, opdat Hij door de genade Gods voor allen den dood smaken zou.
2 O HEERE, onze Heere! hoe heerlijk is Uw Naam op de ganse aarde! Gij, die Uw majesteit gesteld hebt boven de hemelen.
Boven de hemelen
Er worden in de Bijbel drie hemelen genoemd. De eerste is vanaf de wolken tot aan het aardoppervlak; daar waar ook de vogels vliegen. Dat wordt ook wel atmosfeer genoemd, het luchtruim. Deze eerste hemel is de laag om de aarde met zuurstof, waarin ook de mens woont. De tweede hemel is boven de wolken; het uitspansel. Dat noemen wij het heelal; buiten de dampkring, zonder zuurstof, waarin de planeten en sterren staan. Deze twee hemelen horen bij de Schepping.
De derde Hemel is de Verblijfplaats van God. Voor eeuwig. Deze derde Hemel zal altijd hetzelfde blijven. Ook als er een nieuwe Hemel, en een nieuwe aarde komen. God schept straks twee nieuwe hemelen, en nieuwe aarde. De verblijfplaats van God wordt in de Bijbel ook wel ‘de Hemel der Hemelen’ of ‘de hoogste Hemelen’ of ‘boven de Hemelen’ en ook ‘Paradijs’ genoemd. Enkele voorbeelden:
1 Koningen 8
27 Maar waarlijk, zou God op de aarde wonen? Zie, de hemelen, ja, de hemel der hemelen zouden U niet begrijpen, hoeveel te min dit huis, dat ik gebouwd heb!
2 Korinthe 12
2 Ik ken een mens in Christus, voor veertien jaren (of het geschied zij in het lichaam, weet ik niet, of buiten het lichaam, weet ik niet, God weet het), dat de zodanige opgetrokken is geweest tot in den derden hemel;
3 En ik ken een zodanig mens (of het in het lichaam, of buiten het lichaam geschied zij, weet ik niet, God weet het),
4 Dat hij opgetrokken is geweest in het paradijs, en gehoord heeft onuitsprekelijke woorden, die het een mens niet geoorloofd is te spreken.
De Hoogste Hemel
De Woonplaats van God maakt, volgens de Bijbel, geen deel uit van de Schepping. De Bijbel spreekt over een Hemel die hoger is dan de geschapen hemelen. Hemel betekent omhoog, en hel betekent omlaag. De Hemel is geen ervaring of gevoel, de Hemel is niet abstract. Volgens de Bijbel is de Hemel gewoon een plaats. Het is de plaats waar Christus, en Zijn Lichaam woont. De Gemeente is juridisch, mede met Christus, al in de Hemel gezet. De hemel van de vogels, en de hemel van de sterren horen samen met de aarde bij de zienlijke, stoffelijke, Schepping.
Jesaja 66
1 Alzo zegt de HEERE: De hemel is Mijn troon, en de aarde is de voetbank Mijner voeten; waar zou dat huis zijn, dat gijlieden Mij zoudt bouwen, en waar is de plaats Mijner rust?
Hebreeën 1
3 Dewelke, alzo Hij is het Afschijnsel Zijner heerlijkheid, en het uitgedrukte Beeld Zijner zelfstandigheid, en alle dingen draagt door het woord Zijner kracht, nadat Hij de reinigmaking onzer zonden door Zichzelven te weeg gebracht heeft, is gezeten aan de rechter hand der Majesteit in de hoogste hemelen;
Efeze 2
6 En heeft ons mede opgewekt, en heeft ons mede gezet in den hemel in Christus Jezus; (wij zijn sámen met Christus gestorven,. En opgestaan, en in de Hemel gezet)
Nieuwe hemelen en nieuwe aarde
2 Petrus 3
13 Maar wij verwachten, naar Zijn belofte, nieuwe hemelen en een nieuwe aarde, in dewelke gerechtigheid woont.
Openbaring 21
1 En ik zag [een] nieuwen hemel en [een] nieuwe aarde; want de eerste hemel, en de eerste aarde was voorbijgegaan, en de zee was niet meer.
Deze twee hemelen, en deze aarde, zullen vervangen worden door twee nieuwe hemelen, en nieuwe aarde. Daar zullen, uiteindelijk, alle gelovigen wonen. Alleen de Gemeente is een uitzondering, en blijft een Hemels Volk. Dat is de Woonplaats van God. Als wij mensen het over de Hemel hebben dan bedoelen we deze onzienlijke Hemel. Voor onze stoffelijke ogen, en oren, is deze Hemel niet waarneembaar.
LEES VERDER IN DE PDF DE PSALMEN; PSALM 8-PDF
De Psalmen; Psalm 8
De Psalmen; Psalm 8




